Zwitserse Sennenhond

De Grote Zwitserse Sennenhond is de grootste van de vier Sennenhonden. De andere drie zijn de Berner Sennenhond, de Appenzeller Sennenhond en de Entlebucher Sennenhond. De herkomst van de Sennenhonden is onduidelijk, stammen ze van oorspronkelijke boerenhonden af? In ieder geval hebben berghonden ook hun bijdrage geleverd en, volgens sommigen, ook Romeinse oorslogshonden. Eén feit, de kruisingen met de St. Bernard verklaren de grotere afmetingen van de berghond van nu. Deze veedrijver is een goede waakhond die onder alle omstandigheden zijn baas beschermt. Hij werd gebruikt om kleine karren te trekken en als boerderijhond. Hij heeft qua populariteit de tweede plaats naast de Berner Sennenhund en heeft in Amerika, Groot-Brittannië en Canada veel vrienden gevonden. Hij leert makkelijk en is kalm en meegaand van aard. Wel heeft hij veel energie. Omdat hij zo goed is op te voeden is hij een prettige gezel-schapshond.

Grote Zwitserse Sennenhonden gaan goed om met honden en andere huisdieren. In aanleg zijn het grote kindervrienden, maar houd er rekening mee dat de hond de kinderen wilt beschermen tegen pestende vriendjes en vriendinnetjes. Deze hond is een zeer goede waakhond, die niet alleen het gezin, maar ook jouw huis en haard met verve zal verdedigen tegen kwaadwillenden. Als kennelhond is deze hond niet geschikt.

Hij is waakzaam, trouw, lief voor kinderen
De Grote Zwitserse Sennenhond heeft relatief weinig vachtverzorging nodig. Zo nu en dan moet je het dode en losse haar met een rubberen borstel verwijderen.

Ondanks het feit dat deze honden zeer gehecht zijn aan het gezin waar ze deel van uitmaken, zijn het geen honden voor iedereen. De Grote Zwitserse Sennenhond heeft een sterk karakter en verlangt daarom een baas die eveneens sterk in zijn schoenen staat. De Zwitser moet de kans krijgen evenwichtig op te groeien, hij moet weten waar hij aan toe is en een band met zijn gezin kunnen opbouwen. Zorg ervoor dat je altijd eerlijk en consequent bent tegen de hond. Met een hardhandige aanpak bereik je alleen dat zijn karakter wordt verpest. De jonge hond moet je zo veel mogelijk ontzien, zodat hij al zijn energie kan steken in de opbouw van sterke botten en spieren. Beknibbel om deze reden ook niet op de voeding.

Komt uit: Zwitserland.
Ontstaan in: Middeleeuwen
Gewicht: Appenzeller: 25 – 32 kg
Berner: 40 – 44 kg
Entlebucher: 25 – 30 kg
Grote: 59 – 61 kg
Kleur: Zwart als basis, aangevuld met wit en tan
Vacht: Stokhaar
Levensverwachting: Appenzeller: 12 – 13 jaar
Berner: 10 – 12 jaar
Entlebucher: 11 – 13 jaar
Grote: 10 – 11 jaar
Aard: Waakzaam, trouw, lief voor kinderen