Tatrahond

De Tatrahond behoort tot de Herdershonden en heeft dezelfde afstamming als vele op hem lijkende Oost-Europese kuddebewakers. Er zijn geruchten dat de Tatra direct zou afstammen van de Bergamasco, maar dit is niet echt geloofwaardig. De Tatrahond lijkt namelijk erg op de kuddebewakers van Hongarije, Tsjechië en Slowakije. Het is daarom waarschijnlijker dat de kuddebewakers van deze landen de voorouders zijn van deze Podhalanski. In Polen wordt het dier gebruikt als kuddebewaker van vee en schapen, als trekhond, waakhond en als gezelschapshond. In Amerika en Canada wordt hij gebruikt in het leger en bij de politie. Dit ras moet niet verward worden met de Slowaakse hond, de Tchouvatch, die ook wel Tatra Tchouvatch wordt genoemd.

De Tatrahond is een Pools ras en was een typische berghond die de kudden moest bewaken tegen menselijkeen dierlijke vijanden. Deze hond lijkt qua uiterlijk erg veel op de Kuvasz en de Tchouvatch, en alleen een kenner kan de honden uit elkaar houden. De Tatrahond is in vergelijking met de Kuvasz iets lager en langer, en het hoofd heeft een diepere stop, terwijl de beharing van de Tatrahond ook iets minder gegolfd is dan die van de Kuvasz. Men mag stellen dat de Tatrahond iets grover gebouwd is dan de Kuvasz. Het is een prettige hond met fraai uiterlijk dat steeds meer belangstelling krijgt in onzestreken.

Tatrahonden gaan meestal goed om met andere huisdieren, honden en kinderen. Houd er rekening mee dat ze het voor de kinderen zullen opnemen wanneer het spelen met vriendjes wat ruw wordt. Dit ras stelt zich wat afwachtend op ten opzichte van vreemden.

Hij is goedig, gewillig, goede bewaker.
De Tatrahond vraagt om een baas die van nature overwicht uitstraalt. De opvoeding moet consequent en in alle rust en harmonie plaatsvinden. Een Tatrahond met harde hand opvoeden heeft een averechts effect. Dit ras is vrij zelfstandig in die zin dat een commande pas opgevolgd wordt wanneer de hond er zelf het nut van inziet.

Buiten de ruiperioden heeft de vacht, die van nature niet klit, een minimum aan vachtverzrging nodig. Wanneer de ruiperiode aanbreekt, moet je de vacht dagelijks grondig borstelen en kammen om de dode en losse haren te verwijderen.

De vacht is tamelijk lang, dik, hard, recht of gegolfd, op het hoofd en aan de voorkant van de benen kort.

Komt uit: Polen.
Ontstaan in: 17e eeuw
Gewicht: 45 – 69 kg
Kleur: Wit
Vacht: Tamelijk lang, dik, hard
Levensverwachting: 11 jaar
Aard: Goedig, gewillig, goede bewaker.