Oosterijkse Pinscher

De Oosterijkse Pinscher is een neef van de Duitse Pinscher. Buiten Oostenrijk is hij niet erg bekend. Hij werd gefokt als manusje-van-alles voor de boerderij, nooit alleen als gezelschapshond. Hij kan niet altijd goed opschieten met andere honden en is nogal bijterig. Met mensen die hij kent is hij echt opperbest.
Hij is levendig, waaks en laat graag zijn stem horen als hij onraad bespeurt.

Op schilderijen uit de late 180e eeuw staan al bijna identieke honden afgebeeld. De Oostenrijkse Pinscher heeft kort haar, dat glad aan het lichaam aanligt. De kleuren zijn afgeleiden van lichtgeel over roodbruin tot zwart.
Er bestaan ook gestroomde honden. Witte aftekeningen aan kop, borst, buik en voeten zijn toegestaan. Hij heeft een grote ronde neus. De oren hebben geen speciale vorm en komen dan ook in alle mogelijke varianten voor. Hij heeft een ringelstaart.

Komt uit: Oostenrijk.
Ontstaan in: 18e eeuw
Gewicht: 12 – 18 kg
Kleur: Black & tan, stag red, brownish-yellow, russet
Vacht: Korte, harde vacht
Levensverwachting: 12 – 14 jaar
Aard: Toegewijd, assertief, levendig, speels, alert, vriendelijk