Labradoodle

De Labradoodle (in Nederland ook bekend onder de naam Labradoedel) is een gefokt kruisingsproduct waarbij aanvankelijk werd uitgegaan van kruisingen tussen de labrador retriever en de Franse poedel. De hond wordt door de overkoepelende organisatie FCI niet als ras erkend.

De labradoodle is ontstaan uit kruisingen tussen poedels en labradors, ondernomen door mensen die honden wilden met een geschikt karakter om als geleidehond te fungeren en die tevens minder allergische reacties zouden oproepen, doordat het dier minder zou verharen. De kruisingen vielen wisselend uit. De doelstelling was om de trainbaarheid en de zachtaardigheid van de labrador te combineren met de niet verharende vacht van de poedel. De naam labradoodle werd als combinatie ingevoerd en diverse fokkers in Australië, en tegenwoordig ook in andere landen, houden zich nu bezig met het fokken van deze hond.

De hond is middelgroot tot groot en houdt qua uiterlijk het midden tussen de gebruikte oorspronkelijke twee rassen. Hij komt voor in verschillende kleurvariëteiten als zilverkleurig, wit, rood, zwart, goudkleurig en bruin. Labradoodles kunnen zeer verschillende afmetingen hebben omdat er nog geen uniformiteit van fokpraktijk en consensus over fokrichting bestaat.

De vacht van een Labradoodle hoort niet te verharen, geeft geen typische hondengeur af en zou geen allergische reacties moeten geven. De vacht is golvend of krullend.
De honden hebben geen ondervacht.
Een Labradoodle kent geen ruiperiode, maar verliest wel haar. Dit is het dode haar, dat met borstelen verwijderd dient te worden. Je kunt dit vergelijken met het haarverlies bij mensen.

Komt uit: Australië.
Ontstaan in: 1989
Gewicht: 24 – 35 kg
Kleur: Gebroken wit, crème, café au lait, chocolate, abrikoos, rood, zilver en zwart
Vacht: Golvend of krullend
Levensverwachting: 13 – 15 jaar
Aard: Vriendelijk, sociaal