Hollandse Smous

Pinschers en Schnauzers werden tot ver in de 19e eeuw om hun gedrag gehouden en niet om hun speciale vacht. In ieder geval kwamen Pinschers en Schnauzers in allerlei kleuren voor, zelfs in het ‘geel’. In die periode verkocht de bekende Amsterdamse hondenverkoper dhr. C.J. Abraas veel gele Schnauzertjes. Hij verkocht ze vooral aan kooplieden van de Amsterdamse Koopmansbeurs.

De Hollandse Smous werd dan ook als `heren-stalhond’ aan de man gebracht en dook al snel overal in Nederland op. De Smoushond werd destijds vooral gebruikt om de stallen vrij te houden van ratten. Vanwege zijn ruige baard en snor, werd hij Smousje, Smousbaardje, of Smoushondje genoemd. Na een lange periode waarin hij dreigde te verdwijnen, staat het Hollandse Smoushondje er sinds de jaren zeventig weer beter voor, ook al blijft hij zeldzaam.

Wat nu de precieze afkomst is van het hondje, is niet helemaal duidelijk. Waarschijnlijk zitten er wel Engelse invloeden in dit ras. De rasvereniging doet zijn uiterste best om het fokprogramma in goede banen te leiden. Wees ervan bewust dat wanneer u interesse zou hebben in een Hollands Smousje, u zich verplicht om – wanneer de hond geschikt blijkt – te participeren in het fokprogramma. Als u een reutje neemt dan betekent dit dat u de reu ter dekking stelt. Heeft u een teefje, dan is een nestje niet geheel ondenkbeeldig. De Hollandse Smoushond is momenteel een gezelschapshond.Met kinderen kan deze hond prima opschieten, en ook de kat des huizes wordt zonder meer geaccepteerd. De meeste Hollandse Smoushonden kunnen ook uitstekend overweg met hun soortgenoten.

Hij is aanhankelijk, vrolijk, vriendelijk.
De Hollandse Smoushond is een intelligente hond die graag iets voor je zal doen. De opvoeding van deze hond is ook niet zo moeilijk. Wel is het van groot belang dat je altijd consequent bent, want sommige exemplaren van dit ras kunnen zich wel eens laten gelden als ze het idee krijgen dat hun baas wat al te toegeeflijk is.

Afhankelijk van de kwaliteit van de vacht moet de Hollandse Smoushond ongeveer twee keer per jaar met de hand geplukt worden. Daarbij wordt het haar op de kop zo veel mogelijk intact gelaten. Tussen de trimbeurten door pluk je ook het haar dat in de gehoorgang groeit weg. De hond kan last krijgen van te veel haar dat tussen de voetzolen groeit, zorg er dus voor dat je dit haar tijdig wegknipt.

Komt uit: Nederland.
Ontstaan in: 19e eeuw
Gewicht: 9 – 10 kg
Kleur: Geelbruin
Vacht: Ruw, hard, overvloedig, 4 – 7 cm lang, goede ondervacht; haar op de schedel en oren korter.
Levensverwachting: 12 – 15 jaar
Aard: Aanhankelijk, vrolijk, vriendelijk.