Engelse Springer Spaniel

Vierhonderd jaar geleden werkten Engelse Springer Spaniels of Engelse Setters als afgerichte Vogelhonden. Ze hebben invloed onder- gaan van de Spaanse Pointer, de Springer Spaniel en Waterspaniels, waardoor ze uitmuntend zijn in het vinden en aanwijzen van wild. Edward Laverack ontwikkelde het moderne ras in het begin van de 19e eeuw. Zijn fokprogramma begon omstreeks 1825 en duurde zo’n 35 jaar. De ommekeer in het bestaan van de hedendaagse Setter was op 28 januari 1859, toen de eerste Setter-tentoonstelling in Newcastle-on-Tyne (Engeland) plaats vond.

Deze honden hebben vriendelijke persoonlijkheden gecombineerd met een aristocratisch uiterlijk. Het zijn echte ‘buitenhonden’. Dat Engelse Setters door sommigen vereerd worden, is geen geheim. In het Carnegie Museum in Pittsburgh staat een opgezette Engelse Setter, Count Noble, die vaak door jagers wordt bezocht, omdat hij tijdens zijn leven superieur was in veldwedstrijden.

Het ras gaat van nature prima om met soortgenoten en andere huisdieren, en ook het gezelschap van kinderen vormt eigenlijk nooit een probleem. Omdat Engelse Setters echte mensenvrienden zijn, wordt iedereen door hen vriendelijk bejegend.

Ze zijn zacht, aanhankelijk, rustig.
De Engelse Setter is niet moeilijk op te voeden als je er maar rekening mee houd dat hij soms wat eigenzinnig kan zijn. De hond reageert het beste op een consequente, maar liefdevolle aanpak.

Zo nu en dan zal deze Setter getrimd moeten worden, waarbij het teveel aan (oud) haar uit de vacht wordt gehaald. Wil je echter met jouw Setter naar tentoonstellingen, dan verdient de verzorging veel meer aandacht. De vacht van huishonden houd je tussen de trimbeurten door in goede conditie door het teveel aan haar tussen de voetzolen en het teveel aan haar ander de oren weg te knippen. Dit laatste is noodzakelijk om de gehoorgang te laten ‘ademen’, zodat ontstekingen voorkomen kunnen worden.

Komt uit: Groot-Brittannië.
Ontstaan in: 17e eeuw
Gewicht: 22 – 24 kg
Kleur: Zwart-wit, Lemon & White, Rood-wit, Driekleurig, Lever en wit, Oranje en wit
Vacht: Golvend, lang, zijdeachtig, kort op het hoofd en aan voorkant van benen, goede bevedering.
Levensverwachting: 12 – 14 jaar
Aard: Zacht, aanhankelijk, rustig.