Ariégeois

De Ariégeois is een ongekunsteld dier, dat uitstekend geschikt is voor de jacht op klein wild. Hij is absoluut geen gezelschapshond. Omdat hij een schouderhoogte heeft van bijna 60 cm, is hij eigenlijk iets te groot voor de jacht op hazen; de ideale schouderhoogte die een jachthond daarvoor moet hebben ligt tussen 48 – 55 cm. De Brak van de Ariège werd altijd gewaardeerd vanwege de kwaliteiten die de Briquet heeft ingebracht in het ras, voornamelijk eigenschappen als intelligentie, levendigheid en snelheid, gezondheid, slimheid, werklust en inzet tijdens het werken, volharding en de mogelijkheid om een verloren spoor te hervinden. Ariégeois hebben in het algemeen een goede stem, die lager en ernstiger is dan die van de andere brakken.

Ze hebben een tamelijk fijne neus, iets dat een noodzakelijke eigenschap is aan de Franse kant van Het Kanaal. Zoals de bekende Franse hondenliefhebber de Kermadec 30 jaar geleden al zei, wordt in Frankrijk niet op dezelfde manier op de haas gejaagd als in Engeland, waar dat met `veel honden en veel paarden’ gebeurt. En het spoor van de haas dat even licht is als dat van een ree, vervliegt snel naarmate de tijd verstrijkt. Ariégeois zijn gehoorzamer dan Briquets en ze zijn ook meerspoorzeker. Ze zijn uitstekend geschikt voor de hazenjacht, de jacht op de ree en het wilde zwijn, maar het zijn geen honden voor konijnen.

Karakter: De Ariégeois is een hond die erg levendig en vasthoudend is, de hond wordt dan ook niet geplaatst in een gezin met kinderen, het is namelijk geen gezelschapshond. De hond is erg actief tijdens het werken en doet alles voor zijn baas. Werken is voor de Ariégeois zijn lust en zijn leven.

Hoofd: lang, droog en tamelijk smal, met een vlakke of licht convexe neusrug, uitgesproken achterhoofdsknobbel, droge lippen, zwarte neusspiegel.

Ogen: donker, met droge oogranden, vriendelijke en trouwe uitdrukking.

Oren: laag aangezet, matig lang, fijn en acht. Omlijsten het hoofd mooi.

Hals: tamelijk lang, elegant en licht gewelfd.

Lichaam: diepe borstkas, lange normaal gewelfde ribben, rechte en sterke ruglijn, tamelijk vlakke croupe, licht opgetrokken buiklijn.

Staart: aangezet in het verlengde van de ruglijn, wordt sabelvormig en vrolijk gedragen.

Komt uit: Frankrijk.
Ontstaan in: 20e eeuw
Gewicht: 25 – 30 kg
Kleur: Driekleurig, zwart-wit
Vacht: Kort
Levensverwachting: 12  jaar
Aard: Levendig en vasthoudend, lief voor zijn baas.